Nieuwe verzekering: verschillen, uitzonderingen en controlepunten
Een helder en feitelijk antwoord op de vraag: Nieuwe verzekering: verschillen, uitzonderingen en controlepunten?
Nieuwe verzekering: verschillen, uitzonderingen en controlepunten
Kort antwoord
Een “nieuwe verzekering” kan in de praktijk betekenen dat je uitvaartdekking anders wordt ingericht dan in je huidige situatie. Vooral bij natura-uitvaartverzekeringen (diensten in natura) spelen verschillen tussen een dienstenpakket en een geldcomponent. Ook kunnen er uitzonderingen en praktische aandachtspunten zijn rond afkoopwaarde, begunstiging, uitkering en het gebruik van een andere uitvaartondernemer.
Definitie en afbakening
In dit artikel gaat het om mogelijke gevolgen wanneer je richting een nieuwe opzet van je dekking gaat (bijvoorbeeld door beëindiging, omzetting of het afsluiten van een nieuwe overeenkomst). Binnen het kader van DELA-uitvaartverzekeringen wordt daarbij vaak onderscheid gemaakt tussen:
- Dienstenverzekering: uitvaartdiensten in natura, geregeld en verzorgd door de uitvaartverzorger van de verzekeraar.
- Geldverzekering: een uit te keren geldbedrag bij overlijden, dat (in ieder geval gedeeltelijk) voor de uitvaart kan worden ingezet.
Bij afkoop gaat het om de afkoopwaarde: de waarde van de verzekering op het moment van afkoop, bepaald volgens de actuariële rekenmethode en berekend onder aftrek van kosten. De kosten kunnen wijzigen en worden gepubliceerd.[1]
Hoe het werkt
Bij een natura uitvaartverzekering wordt de uitvaart in beginsel geregeld en verzorgd door de aangesloten uitvaartverzorger. DELA geeft aan dat de uitvaartverzorger onderdeel is van de natura uitvaartverzekering en dat nabestaanden bij keuze voor een andere uitvaartonderneming een beperkte vergoeding kunnen krijgen. Daardoor kunnen nabestaanden in veel gevallen bijbetalen, omdat het voordeel van gunstige inkoopvoorwaarden wegvalt.[2]
Daarnaast is er bij winstdeling en indexatie een relatie tussen de doorlooptijd en hoe de verzekering meebeweegt met de uitvaartkosten. Bij een DELA UitvaartPlan is er sprake van winstdeling; als de financiële situatie het toelaat, wordt meegedeeld in de winst.[2] Ook wordt bij het DELA UitvaartPlan gesproken over (waardevaste) indexatie van de verzekeringswaarde aan de stijging van uitvaartkosten.[3]
Tot slot: de premie is niet eindeloos. DELA vermeldt dat je premie betaalt zolang een verzekerde op de polis leeft, of tot een gekozen eindleeftijd; stopt je eerder met betalen dan kan de verzekering worden omgezet in een premievrije (niet-indexerende) geldverzekering, als de waarde voldoende is. Is de waarde onvoldoende, dan kan afkoop volgen.[3]
Wat kan verschillen
Onderstaande punten zijn de belangrijkste variatiebronnen wanneer je dekking “nieuw” wordt ingericht of wanneer je een verzekering beëindigt en de uitkomst daarvan doorwerkt.
Vergelijkcriterium 1: wie regelt de uitvaart en wat gebeurt er bij een andere ondernemer?
- Dienstenverzekering (natura): de uitvaartverzorger van DELA regelt en verzorgt de begrafenis of crematie samen met nabestaanden.[2]
- Gebruik andere uitvaartonderneming: als nabestaanden voor een andere onderneming kiezen, krijgen zij een beperkte vergoeding. Dit kan leiden tot bijbetaling.[2]
Vergelijkcriterium 2: uitkering en besteding
- Dienstenverzekering: er wordt geen geld uitgekeerd, maar een pakket met diensten geregeld en verzorgd.[2]
- Geldverzekering: bij overlijden wordt een geldbedrag uitgekeerd, dat hoger wordt door winstdeling en indexering.[4]
Vergelijkcriterium 3: hoe groeit de waarde in de tijd
- Indexatie en winstdeling (bij het DELA UitvaartPlan): DELA gebruikt winstdeling om jaarlijkse premiestijging door indexatie zoveel mogelijk te beperken. De exacte mate van winstdeling kan van jaar tot jaar verschillen.[2]
Vergelijkcriterium 4: afkoop en stoppen (waardering en uitkomst)
- Afkoop: afkoopwaarde wordt berekend onder aftrek van kosten.[1]
- Stoppen met premie: als je eerder stopt dan de gekozen betaalduur, kan omzetting naar een premievrije geldverzekering volgen (mits voldoende waarde). Is de waarde onvoldoende, dan stopt de verzekering en kan de afkoopwaarde worden uitgekeerd.[3]
Controlepunten
Gebruik deze controlepunten zonder op basis daarvan direct een keuze te maken.
- Afbakening van wat je “nieuw” maakt
- Gaat het om een wijziging waardoor je vooral diensten in natura krijgt, of vooral een geldcomponent? Leg vast welke onderdelen je wilt en wat er in je nieuwe opzet is verzekerd.[2]
- Afkoopwaarde en kosten
- Als beëindiging/afkoop aan de orde is: check dat afkoopwaarde wordt bepaald volgens actuariële rekenmethode en berekend onder aftrek van kosten.[1]
- Wanneer nabestaanden kunnen bijbetalen
- Als je (of je nabestaanden) verwacht een andere uitvaartondernemer te kiezen: houd rekening met de beperkte vergoeding bij andere ondernemingen en de kans op bijbetaling.[2]
- Begunstiging bij uitkering (wie ontvangt wat)
- Check wie als begunstigde is aangewezen. Bij standaard begunstiging geldt een volgorde (verzekeringnemer, daarna partner, daarna erfgenamen).[5]
- Als er gekozen is voor uitkering aan de uitvaartverzorger, kan vergoeding plaatsvinden op basis van het polisblad, bewijs van overlijden en een rekening.[5]
- Vastleggen en bijstellen tijdens de looptijd
- Tijdens de looptijd kan de verzekeringnemer de begunstiging veranderen, met een ondertekend verzoek; de nieuwe begunstiging geldt vanaf ontvangst.[5]
- Situaties met buitenland
- Dekking is gericht op een uitvaart in Nederland; bij uitvaart in het buitenland geldt een beperkte vergoeding. Er kan ook vervoer naar Nederland worden betaald als het buitenlandverblijf maximaal 2 maanden is (in combinatie met verzorging in Nederland).[2]
Bronnen
- DELA, Algemene voorwaarden, p. 1
- Uitvaartverzekering, p. 1
- DELA, Productleeswijzer UitvaartPlan, model 4.1, p. 1
- Productinformatie uitvaartverzekering in geld, p. 1
- Polisvoorwaarden uitvaartverzekering, p. 7